Huidchirurgie

Correctie voor ingegroeide teennagel

Ingegroeide teennagel (uncus incarnata)

Een ingegroeide teennagel komt meestal voor bij een grote teen. De binnen- of buitenwand van de nagel is dan in de huid gegroeid en heeft aanleiding gegeven tot irritatie, pijn of een ontsteking.

Waarom zo'n teennagel ingroeit is niet met zekerheid bekend. Misschien ligt het aan het schoeisel (te nauw, te smal) of aan de bouw van de teen zelf (bvb. nagelwortel te breed ingeplant of bvb. licht gekanteld, waardoor bij het lopen de nageldrand te veel in de huid drukt) of door het te kort knippen van de nagel in de hoekjes.

Ingegroeide nagels komen relatief veel voor bij pubers. Waarschijnlijk is dit het gevolg van een combinatie van dunne nagels (door snelle groei), en te kleine schoenen (ook vaak door snelle groei).

Opmerking: een beginnende schimmelnagel kan lijken op een ingegroeide nagel en in eerste instantie tot dezelfde verschijnselen leiden.

Behandeling

Er zijn verschillende behandelingsmogelijkheden, afhankelijk van de ernst van ingroeiing van de nagelrand.

  • Wanneer de nagelrand een beetje ingroeit of dreigt in te groeien en irritatie veroorzaakt, kan vaak volstaan worden met eenvoudige maatregelen. De nagelrand kan wat worden opgehoogd door een wattenbolletje onder de nagel te schuiven en/of de huid regelmatig naar beneden te masseren.
  • Wanneer de mate van ingroei erger is en aanleiding geeft tot pijn, een ontsteking veroorzaakt met of zonder verdikking van de huid en wild vlees (hypergranulatie), is een versmalling van de nagelrand vaak aangewezen. Zo'n versmalling kan geschieden door de nagelrand weg te knippen. Later groeit de nagel echter weer terug met een belangrijke kans opnieuw een ingegroeide teennagel te ontwikkelen.
  • Om dit te voorkomen wordt de nagel meestal blijvend versmald door niet alleen de nagelrand weg te knippen, maar ook de wortel van de nagel te versmalen. Dat stukje wortel wordt door middel van een etsende vloeistof (fenol) vernietigd. Het wegsnijden en wegkrabben van de nagelwortel wordt bijna niet meer toegepast gezien deze ingreep meer pijn met zich meebrengt. Deze laatste wordt voorbehouden voor mensen allergisch aan fenol of onvoldoende resultaat na verschillende fenol applicaties.

Na de chirurgische behandeling

Het kan zijn dat u na de behandeling pijn hebt. Afhankelijk van de aard van de ingreep zal de pijn licht of matig zijn. Met milde pijnstillers (volwassen maximaal vier maal daags één tot twee tabletten paracetamol (500mg/tablet) en/of één tablet NSAID zoals Voltaren, Ibuprofen, Nurofen als uw gezondheid dit toelaat) is dit ongemak meestal te bestrijden. Ook kan het hooghouden van de teen de pijn verlichten. Hoogstand en ijsapplicatie worden aangeraden de avond van de ingreep zelf en eventueel de volgende dag. Normaal lopen zal, afhankelijk van de pijn, meestal al weer na enkele (twee tot vijf) dagen mogelijk zijn.

Het verband wordt voor de eerste keer verwijderd de ochtend na de ingreep. Onder stromend douchewater mag dan de teen gereinigd worden. Met een compresje (gedrenkt in flessenwater) kan de oude zalf worden verwijderd. Nadien wordt er opnieuw zalf aangebracht (meestal Furacine) met een steriel verband(je).

Deze verzorging gebeurt best 's morgens en 's avonds en kan op verzoek door een thuisverpleegkundige worden verricht. Meestal is echter geen thuisverpleging nodig.

Na een 14 dagen wordt een controle bij de huisarts geadviseerd. Meestal kan dan de Furacine worden stopgezet en vervangen naar Isobetadine dermicum 2x/d tot er geen vochtproductie meer aanwezig is.

Het uiteindelijke esthetische resultaat zal na een 2 à 3 maand kunnen beoordeeld worden.

Nagels knippen

De nagels regelmatig recht afknippen, verkleint de kans op ingegroeide nagels. Knip de nagels bij voorkeur net nadat u in bad of onder de douche bent geweest. De nagels hebben dan een hoog vochtgehalte waardoor ze minder kwetsbaar zijn. Knip ze vooral niet te kort en bijt of scheur de nagels niet af, zodat ze kunnen inscheuren.